Klassen van verstrengeling?

16 berichten / 0 nieuw
Laatste bericht
afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
Klassen van verstrengeling?
Gestart op: dinsdag 27 december 2016, 12:00

Dus we ervaren een continue emergente ruimte tijd en zwaartekracht,
terwijl de door ons ervaren continuiteit het resultaat is van
verstrengeling. Bestaat er al een theorie die aangeeft dat er twee
verschillende klassen van verstrengeling bestaan, namelijk de bekende
klasse die ons een continue emergente ruimte tijd en zwaartekracht
doet ervaren, en een tweede klasse die ons een discontinue emergente
ruimte tijd en zwaartekracht doet ervaren?

De gedachte achter deze vraag is als volgt:

Als iemand mij persoonlijk iets vertelt, dan ervaar ik de informatie die
ik op die manier ontvang als een continu fenomeen. Ik heb dan o.a. te
maken met de trilling van luchtdeeltjes, trilhaartjes in mijn
oren, allerlei materiedeeltjes die een rol spelen bij cognitieve
processen in mijn hersenen waarmee ik informatie verwerk, en met
verstrengeling waardoor ik deze overdracht van informatie ervaar als
een continu fenomeen.

Stel dat iemand vanuit een ander sterrenstelsel communiceert door
middel van teleportatie, dan ervaren we de informatie die we ontvangen
als een discontinu fenomeen. Want die informatie ontvangen we vanuit het niets,
zonder dat materie daarbij een rol speelt in de vorm van bijvoorbeeld
een glasvezelkabel. Pas nadat de informatie op discontinue wijze is
ontvangen, wordt de informatie omgezet in beeld en geluid welke ons op
continue wijze bereikt.

Deze gedachte doet mij vermoeden dat er twee klassen van verstrengeling
bestaan: De al bekende klasse van verstrengeling die mij emergente
              continuïteit doet ervaren, en een tweede klasse van verstrengeling
              die mij emergente discontinuïteit doet ervaren.

Als dit vermoeden klopt, dan bestaat er naast de continue emergente
ruimte tijd en zwaartekracht, ook een discontinue emergente ruimte
tijd en zwaartekracht.

Als er verschillende klassen van verstrengeling bestaan, volgens welk
criterium kan je dan die klassen van elkaar onderscheiden?

0
15
afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
woensdag 28 december 2016, 14:21

Even een toelichting geven op mijn post.

Mijn idee is deze:

Op een steeds kleinere schaal vervliegt onze
vertrouwde continuïteit, stuiten we op een
discontinue korrelstructuur die aan pixels doen
denken. Deze discontinuïteit noem ik
pixel discontinuïteit.

Verstrengeling zorgt ervoor dat wij toch
continuïteit ervaren. Deze continuïteit noem
ik emergente continuïteit.

Daarnaast ervaren wij in onze macroscopische
leefomgeving discontinuïteit. Voorbeelden van
discontinue fenomenen in onze macroscopische
leefomgeving zijn:
1. Informatie ontvangen via teleportatie, waar
    materie, bijvoorbeeld in de vorm van een
    glasvezelkabel, geen rol speelt.
    Informatie ontvangen we dan uit het niets.
2. Zwaartekracht waar zichtbare materie geen
    rol speelt. In eerste instantie gaan we
    dan op zoek naar onzichtbare, donkere
    materie om die zwaartekracht te verklaren.
    Maar het wordt duidelijk dat materie ook
    hier geen rol speelt.
    Deze zwaartekracht werkt vanuit het niets.
Deze discontinuïteit noem ik emergente
discontinuïteit.

Emergente continuïteit is een gevolg van
verstrengeling, en voorziet ons van een
continue, stabiele, voorspelbare leefomgeving
waarin wij kunnen evolueren. Het legt ons ook
beperkingen op, zoals de lichtsnelheid als
maximum snelheid om informatie te verzenden.

Emergente discontinuïteit is ook een gevolg
van verstrengeling, en voorziet ons van
discontinue fenomenen waarbij materie geen
rol speelt. Het voorziet ons van de mogelijkheid
om de beperkingen op te heffen die de
emergente continuïteit ons oplegt, zodat
we bijvoorbeeld informatie kunnen
teleporteren.
(Emergente discontinuïteit is niet hetzelfde
als pixel discontinuïteit.)

Volgens mij is het dus zinvol om deze twee
gevolgen van verstrengeling, emergente
continuïteit en emergente discontinuïteit,
te onderzoeken.
  
De vraag is, welke klasse van verstrengeling
emergente continuïteit geeft, en welke klasse
van verstrengeling emergente discontinuïteit?

Harry Segers

afbeelding van Leon
Natuurkunde filosoof
donderdag 29 december 2016, 14:00

 

Ik vind het lastig om deze vraag te beantwoorden want ik begrijp de redenatie niet goed waarom er twee klassen van verstrengeling zouden zijn.

 

Het begint al met de eerste zin. Wie zegt dat continuïteit het resultaat is van verstrengeling? Als dat een conclusie is uit de nieuwe theorie van Erik Verlinde dan zie ik dat (nog?) niet.

 

Los daarvan is het voor mij redelijk “simpel”: Alles in het universum is blijkbaar discontinue en ook alleen maar discontinue. Discontinuïteit is dus niet emergent en dan is er dus ook geen theorie voor de emergentie van discontinuïteit.

 

Tenzij we ooit uitvinden dat het gene wat we nu als minimale (energie/afstand/massa/etc.) kwanta zien weer is opgebouwd uit nog kleinere elementen. Maar dan praat je denk ik over iets wat nog zo ver verwijderd is van wat we nu weten dat het zinloos is om nu daarover na te denken.

 

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
donderdag 9 februari 2017, 13:34

Leon, dank voor je reactie.

Inderdaad, dat alles blijkbaar discontinu is, ben ik met je eens. De vraag is dan, waarom ervaren wij de realiteit als continu?

Op die vraag gaf in 2010 de Canadese natuurkundige Mark van Raamsdonk het antwoord. De ruimte is welliswaar opgebroken in allerlei minuscule 'bits', en dus discontinu, maar we ervaren de ruimte toch als continu, omdat al die minuscule 'bits' aan elkaar gelijmd zijn door verstrengeling.

Daarom kom ik tot de conclusie dat verstrengeling ervoor zorgt dat wij de ruimte als een continu fenomeen ervaren. (Maar misschien begrijp ik de gedachte van Mark van Raamsdonk verkeerd?)

De volgende vraag is dan, als het klopt dat verstrengeling de oorzaak ervan is dat wij continuïteit ervaren, kan het dan ook zijn dat verstrengeling ons discontinuïteit doet
ervaren?

Zo ja, welke soort van verstrengeling is dat dan die ons discontinuiteït doet ervaren? Op welke manier onderscheidt die verstrengeling zich dan van verstrengeling die ons
continuiteït doet ervaren?
En wat is het verschil tussen de discontinuïteit die wij ervaren als gevolg van verstrengeling, en de discontinuït die wij niet ervaren, namelijk de discontinuït tussen de opgebroken 'bits' die wij niet ervaren?

afbeelding van Leon
Natuurkunde filosoof
vrijdag 10 februari 2017, 13:53

Waarom wij alles als discontinue ervaren lijkt mij vrij eenvoudig: Dat is omdat onze detectie “resolutie” te laag is om de discontinuïteiten te kunnen waarnemen. Het is precies het zelfde als dat je naar een film zit te kijken op een scherm van 1280 bij 1024 pixels met 60 frames per seconde. Dat is zeer discontinu, en toch ervaren wij het als continue omdat onze ogen niet snel genoeg zijn om een 60x per seconde knipperen scherm te kunnen waarnemen als knipperend of om de individuele pixels op normale kijk afstand te kunnen waarnemen.
Ik zie daar verder geen noodzaak voor ingewikkelder verklaringen, laat staan dat verstrengeling hier iets mee te maken zou hebben of nodig zou zijn om het te verklaren?

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
vrijdag 10 februari 2017, 16:03

Het kan natuurlijk simpel een kwestie van resolutie zijn.

Maar doe eens in gedachten het volgende experiment.

Kijk naar een film in de bioscoop.

Stel je voor dat je terwijl je naar de film kijkt,
in staat bent om de verstrengeling op te heffen
tussen elke minuscule bit in de bioscoopzaal.

Zal dan, de film, nog steeds als continu door jou
worden ervaren?

Zal de bioscoopzaal zelf nog continu zijn?

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
zaterdag 11 februari 2017, 12:40

Zelf bouw ik verder op de gedachte dat de ruimte is opgebroken in minuscule bits.

De minuscule bits omschrijf ik hier even als eilanden in een oceaan van leegte.

Het openbare vervoer tussen de eilanden is uitstekend geregeld, en heet verstrengeling.

Dat ov is zo goed, dat reizigers tussen de eilanden helemaal niet meer ervaren
dat ze van eiland naar eiland reizen. De eilanden ervaren ze door het uitstekende ov
tussen de eilanden als één continu geheel, als één groot continent. Nergens op hun
reizen stuiten ze op de oceaan, nemen ze de oceaan waar.

Ineens breekt er een staking uit binnen het ov, de verstrengeling stopt.

De reizigers stranden op de eilanden, en de oceaan tussen de eilanden is
plotseling onoverbrugbaar. Dat ene continue geheel, dat ene continent, valt
uiteen in de afzonderlijk eilanden, van elkaar gescheiden door een
onoverbrugbare oceaan van leegte.

Zo stel ik mij het in en uitschakelen van verstrengeling voor, en is volgens mij
de continuiteït die wij ervaren het gevolg van verstrengeling.

Schakel ik de verstrengeling in, dan ervaar ik een continu geheel.
Schakel ik de verstrengeling uit, dan valt het continue geheel uiteen in
afzonderlijke bits, die in geen enkele relatie tot elkaar staan.

Zonder verstrengeling kan ik geen continu geheel ervaren. Verstrengeling is een
vereiste voorwaarde om iets als continu te kunnen ervaren. Daarnaast is de verstrengeling zo goed, dat ik zelfs met oneindig hoge resolutie, de discontinuiteït niet kan waarnemen. De verstrengeling veroorzaakt in de micro-wereld een micro-waarnemingshorizon, waarachter we niets kunnen zien.

Maar als iemand een hoge resolutie foto maakt van de eilanden en de oceaan,
dan moet ook ik toegeven, is de continuiteït die wij ervaren inderdaad eenvoudig
te verklaren door resolutie. Wie weet maakt quantumuniverse.nl op een dag melding van
zo'n foto. Tsja, dan zit ook ik op een totaal verkeerd spoor.

afbeelding van Leon
Natuurkunde filosoof
zaterdag 11 februari 2017, 15:56

Persoonlijk vind ik het idee om de ruimte te zien als iets wat substantie heeft erg contra intuïtief. Nu zijn contra intuïtieve ideeën vaak ook de meest interessante ideeën en is het feit dat ze contra intuïtief zijn is geen bewijs dat de ideeën fout zijn. Toch kan ik in dit geval niet anders dan zeggen: genoeg met de gekkigheid. Hier trek ik een streep. Voor mij is ruimte een arena waarin dingen “zijn” en gebeuren zonder dat de ruimte zelf substantie heeft in welke vorm dan ook. Dus geen bits, kwanta, energie of wat dan ook. Die dingen zijn voor mij alleen “in” de ruimte en niet “van” de ruimte. Dat is dus een aanname van mij persoonlijk die op zich een vrij willekeurige, en toegegeven ook een zeer discutabele, aanname is. Ik merk alleen dat deze aanname, samen met een reeks van andere aannames (die ieder voor zich waarschijnlijk net zo willekeurig en discutabel zijn) een totaal plaatje opleveren wat elegant en intuïtief is. Een beetje veel tekst, maar het leek me nodig om aan te geven dat ik veel redenen zie om aan te nemen dat de ruimte geen substantie heeft in welke vorm dan ook. Dus ook geen ruimte bits of verstrengeling daarvan. Dus alhoewel ik de hersengymnastiek om me zoiets voor te stellen wel interessant vind en ik het ook geprobeerd heb, is het voor mij niet mogelijk om me in dergelijke, naar mijn gevoel overbodig complexe, bochten te wringen. Sorry.

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
vrijdag 24 februari 2017, 20:03

Beste Leon, dank dat je het hebt geprobeerd, wat ongetwijfeld niet makkelijk was.

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
zondag 26 februari 2017, 16:27

Mijn hypothese is als volgt:
Naast het vertrouwde ruimtetijd continuum is er ook sprake van een ruimtetijd
discontinuum, terwijl het ruimtetijd discontinuum net als het ruimtetijd
continuum emergent is uit de quantumwereld van quantumbits en verstrengeling.

(Ik realiseer mij dat het begrip "ruimtetijd" oorspronkelijk betekent:Één
continu geheel van ruimte èn tijd, een ondeelbare vierdimensionele eenheid.
Met mijn hypothese druk ik uit dat ik vermoed dat onze uit de quantumwereld van quantumbits en verstrengeling emergente ruimtetijd gelijktijdig ondeelbaar èn gefragmenteerd is, wat, moet ik erkennen, een contra-intuïtief en zelfs bizar vermoeden is. Met mijn hypothese laat ik de oorspronkelijke betekenis van het begrip "ruimtetijd" los.)

De balans tussen het ruimtetijd continuum en het ruimtetijd discontinuum is
zodanig, dat we alleen zo nu en dan een glimp opvangen van het ruimtetijd
discontinuum. Bijvoorbeeld als de toestand van een complex systeem, van het
ene moment op het andere, op onverklaarbare wijze, omslaat in het volledige
tegendeel. Dergelijke onverklaarbare discontinuïteiten die binnen één
moment soms optreden binnen complexe systemen, brengen mij op het spoor van
een ruimtetijd discontinuum.

Het ruimtetijd discontinuum werkt als tegenhanger van het ruimtetijd
continuum, waarbinnen dergelijke radicale toestandsveranderingen van
complexe systemen onverklaarbaar zijn.

Ik kom tot mijn hypothese vanwege feitelijke, wetenschappelijk sluitend
gedocumenteerde waarnemingen van onverklaarbare discontinuïteiten in onze
macrowereld, die de betrokken wetenschappers met stomheid slaan.

Voor mij is duidelijk, dat mijn hypothese van een ruimtetijd discontinuum
ver buiten de comfortzone ligt van de reguliere natuurwetenschap. Dit idee
stuit dan ook op grote tegenstand. Maar feiten zijn en blijven feiten,
en wetenschap draait om nieuwsgierigheid en waarheidsvinding op basis van
feiten, niet om het zo lang mogelijk aangenaam vertoeven in een comfortzone.

Wat niet wegneemt, dat mijn hypothese onjuist kan zijn.

De theorie rond het uit de quantumwereld van quantumbits en verstrengeling
emergente ruimtetijd continuum en zwaartekracht volg ik, omdat dat mij heel
misschien handvatten geeft om mijn hypothese te toetsen.

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
maandag 27 februari 2017, 10:41

Hieronder volgt waarom ik vermoed dat de theorie van emergente zwaartekracht
handvatten biedt om mijn hypothese te toetsen.

Iedereen kent het golf/deeltje dualisme van licht.

Een golf is een continu fenomeen, een deeltje is een discontinu fenomeen.

Iedereen kent dus het continu/discontinu dualisme van licht.

Mijn hypothese luidt:

Voor de uit de quantumwereld van quantumbits en verstrengeling emergente ruimtetijd
geldt een continu/discontinu dualisme.

M.a.w.: Ruimtetijd is gelijktijdig ondeelbaar en gefragmenteerd.

Omdat zwaartekracht volgt uit de geometrie van ruimtetijd, betekent dit:

Voor zwaartekracht geldt een continu/discontinu dualisme.

Dit betekent, dat naast zwaartekracht vanuit ondeelbare ruimtetijd, er ook
zwaartekracht uit gefragmenteerde ruimtetijd moet bestaan.

Mijn vermoeden is, dat emergente zwaartekracht precies die zwaartekracht is
die ontstaat uit gefragmenteerde ruimtetijd.

Emergente zwaartekracht brengt ons op het spoor van het continu/discontinu
dualisme dat geldt voor licht, ruimtetijd en zwaartekracht.

De vraag is dan, waar komt dat continu/discontinu dualisme vandaan?
Mijn vermoeden is, dat dat te maken heeft met klassen van verstrengeling.
De ene klasse geeft continuïteit, de andere discontinuïteit.

Of mijn vermoeden klopt weet ik niet. Maar het kan nooit kwaad om mijn
vermoeden hier te posten.

afbeelding van Leon
Natuurkunde filosoof
dinsdag 21 maart 2017, 09:40

Over golf/deeltje dualisme: zelf denk ik dat de crux is dat de stelling (of aanname) wel eens onjuist kan zijn dat een golf in de context van golf/deeltje dualisme een continue fenomeen is. Kijk bijvoorbeeld eens naar een elektromagnetische “golf”. Daar is geen sprake is van een enkel golvend medium. Electromagnetisme is een wisselwerking tussen twee fenomenen: 1: electro en 2: magnetisme. Het een of het ander. Dat is naar mijn gevoel veel meer digitaal (lees: discontinue) dan analoog (lees: continue). Zie daar mijn probleem om een redenatie te volgen die een verklaring zoekt voor iets wat er volgens mij niet is.

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
zaterdag 9 september 2017, 20:06

Ik begrijp wat je bedoelt. Maar het probleem blijft, dat we uitkomen op twee theorien die niet te verenigen zijn, in tegenspraak met elkaar zijn, namelijk de algemene relativiteitstheorie en de quantumveldentheorie. Eerstgenoemde geeft ruimtetijd als continuum, laatstgenoemde geeft deeltjes of quanta die discontinu zijn. Het valt mij op dat het hier over een probleem gaat tussen continu en discontinu. Dat was ook het geval in de discussie over de aard van licht. Huygens dacht aan een golfbeweging die zich voortplant door de ether, Newton aan een stroom kleine deeltjes. In het verleden dus ook een probleem over continu versus discontinu. Je kunt zeggen, de quantummechanica verenigt de golfvoorstelling en het deeltjesvoorstelling van licht in een wiskundige beschrijving, dus wat licht betreft is het probleem continu versus discontinu opgelost. Maar is dat wel zo? Als dat klopt, waarom zitten we nu opnieuw vast in een continu versus discontinu probleem, ditmaal gaat het niet over licht, maar over de algemene relativiteitstheorie en de quantumveldentheorie?

 

 

 

 

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
zondag 10 september 2017, 11:25

Zelf ben ik het eens met de opvatting van de Weense natuurkundige
Anton Zeilinger, dat de meest elementaire bouwstenen van onze
materiele realiteit geen quanta zijn, maar informatie.
"Werkelijkheid en informatie kunnen niet van elkaar gescheiden worden",
aldus Anton Zeilinger.

In mijn brein vormt zich dan het volgende beeld.

Een niet materiele oceaan van informatie. De informatiestromen in die
oceaan van informatie construeren onze materiele werkelijkheid.
In die materiele werkelijkheid onderscheid ik twee klassen van fenomenen:
1. Continue fenomenen
2. Discontinue fenomenen

De golfvoorstelling van licht en de algemene relativiteitstheorie
van ons universum behoren tot de continue fenomenen.
De deeltjesvoorstelling van licht en de quantumveldentheorie van
ons universum behoren tot de discontinue fenomenen.

De continue fenomenen in onze materiele werkelijkheid kan je
analoog noemen.
De discontinue fenomenen in onze materiele werkelijkheid kan
je digitaal noemen.
De oceaan van informatie kan je digitaal noemen.

Belangrijk om te beseffen is, dat de discontinue fenomenen in onze
materiele werkelijkheid niet de oceaan van informatie vormen,
ondanks dat ze beide digitaal zijn.

De continue fenomenen en de discontinue fenomenen vormen samen onze
materiele werkelijkheid, en die materiele werkelijkheid wordt
geconstrueerd door de informatiestromen in de oceaan van informatie.

De vraag is dan:
1. Welke klasse van informatiestroom binnen de oceaan van informatie
   leidt tot een continu fenomeen in onze materiele werkelijkheid?
2. Welke klasse van informatiestroom binnen de oceaan van informatie
   leidt tot een discontinu fenomeen binnen onze materiele werkelijkheid?

Dat brengt mij op de volgende vragen:
1. Welke klassen van informatiestromen kan ik in onze materiele werkelijkheid
   onderscheiden?
2. Verstrengeling is een vorm van informatieoverdracht. Bestaan er klassen
   van verstrengeling?

Langs deze weg kom ik opnieuw uit op mijn oorspronkelijke vraag, bestaan er
klassen van verstrengeling?

Deze vragen stel ik om een deur te vinden tot de informatiestromen in de
oceaan van informatie.

Iemand kan een houten zeilboot maken en een houten zweefvliegtuig.
Je kunt zeggen, het is allemaal hout, maar dat is niet relevant bij het
kiezen van een transportmiddel. Feit blijft, het ene is en blijft een
zeilboot, het andere is en blijft een zweefvliegtuig.

Continue fenomenen in onze materiele realiteit zijn en blijven continue fenomenen.
Dat ze (net als discontinue fenomenen in onze materiele realiteit) een constructie
zijn van onderliggende digitale informatiestromen in een digitale oceaan van
informatie, doet daar niets aan af.

afbeelding van Harry Segers
NOVU lid
maandag 11 september 2017, 10:15

Misschien is het zinvol om toe te lichten waarom ik zo nadrukkelijk
onderscheid maak tussen continu en discontinu.

De muur waar de natuurkunde tegenaan knalt is de onverenigbaarheid
van twee theorieen van ons universum:
1. De algemene relativiteitstheorie
2. De quantumveldentheorie

De algemene relativiteitstheorie beschrijft een continu fenomeen,
namelijk het ruimtetijd continuum.

De quantumveldentheorie beschrijft een discontinu fenomeen,
namelijk quanta.

Vandaar dat het voor mij voor de hand ligt om in onze materiele
werkelijkheid nadrukkelijk onderscheid te maken tussen continue
fenomenen en discontinue fenomenen. Want een opvallend kenmerk
van de muur waartegen de natuurkunde knalt is de tegenstelling
continu versus discontinu.

De reden waarom ik de nadruk leg op het golf/deeltjes dualisme
van licht is, omdat ik in oude de discussie over de aard van het licht
de tegenstelling continu versus discontinu herken.

Huygens gaf de golfvoorstelling van licht, een golf die zich voortplant
door een zeer ijle stof, de ether. Hij beschrijft licht als een continu
fenomeen.
Newton gaf de deeltjesvoorstelling van licht, beschrijft licht als
een discontinu fenomeen.
Hier dus ook een tegenstelling continu versus discontinu.

De quantummechanica verenigt de golfvoorstelling en de
deeltjesvoorstelling in een wiskundige beschrijving van licht.
Daarmee lijkt ook de tegenstelling continu versus discontinu opgelost
in de discussie over de aard van het licht.

Maar nu lopen we weer vast, ditmaal niet met twee (toen nog)
onverenigbare theorieen over licht, maar met twee onverenigbare
theorieen over ons universum, en alweer is daar dat kenmerk
continu versus discontinu.

Ik denk niet dat dat toeval is. Hier zit meer achter.
Vandaar mijn belangstelling voor continu versus discontinu.

Misschien is hier sprake van een fundamenteel dualisme,
het continu/discontinu dualisme. Daarover heb ik een
aparte thread geopend.

De muur waartegen de natuurkunde knalt bestaat
wiskundig uit termen oneindig gedeeld door nul.
Op een simpele manier knal ik ook tegen zo'n muur
met een eindig getal in de teller en een nul
in de noemer. Dat bracht mij op het idee van
wat ik quantumafstand noem.

Daarover heb ik ook een aparte thread geopend.

afbeelding van Leon
Natuurkunde filosoof
donderdag 14 september 2017, 15:55

In zie werkelijk het probleem niet.

Natuurlijk is continue en discontinue niet te verenigen dat is logisch en dat moet je ook niet willen proberen.

 

Wat ik volgens mij al eerder aangaf: volgens mij is het een puur resolutie probleem.

 

Kijk, ergens is er “gekozen” om een continue (ruimtetijd) model te gebruiken voor zwaartekracht. En dat is prima want zo werkt de wetenschap. Simpel gezegd: Je observeert iets, bedenkt er een mogelijke verklaring voor, modelleert dat, rekent de consequenties uit en kijkt of die te bewijzen zijn. En zo ja, dan is je model blijkbaar goed. Tot je tegen dingen aan loopt die conflicteren zoals in dit geval de discontinuïteit op kwantum niveau.

 

Als we nu dan eens aannemen dat op kwantum niveau alles, en dus ook zwaartekracht, discontinue is?

 

Dan is het toch helemaal niet onlogisch dat een continue ruimtetijd model toch prima kan werken op grote schaal? Net zoals wij de pixels op een TV scherm niet kunnen zien als we op de bank zitten, zo kan het ruimtetijd model de zwaartekracht kwanta niet “zien”.

 

Dan is het toch logisch dat als je inzoomt, dat een continue model afwijkingen gaat vertonen met de werkelijkheid? Precies het soort afwijkingen of conflicten die de relativiteitstheorie heeft met de kwantumtheorie?

 

Dan ligt de conclusie dus erg voor de hand lijkt mij: zwaartekracht is in werkelijkheid een discontinue fenomeen. Daar zou geen discussie meer over moeten zijn.

 

Ik zie werkelijk het probleem niet met de relativiteitstheorie. Er is geen tegenspraak, er is geen conflict het is allemaal logisch als ik aanneem dat zwaartekracht discontinue is op kleine schaal.

 

Tenzij het ruimtetijd model een heilig huisje is natuurlijk. Dan zie ik wel een groot probleem.